Tag Archief van: 2025 editie 2

De Nijs ondertekent Houtbouw Pact MRA

Het is de ambitie van de organisatie achter Houtbouw Pact MRA om vanaf 2030 20% van de woningproductie in de Metropoolregio Amsterdam (MRA) van hout en andere biobased materialen te kunnen realiseren. Hierdoor kunnen woningen sneller en duurzamer worden gebouwd. Dat levert jaarlijks een reductie op van circa 220.000 ton CO2-uitstoot en een aanzienlijke vermindering van de uitstoot van stikstof. Houtbouwwoningen die op een industriële wijze worden geproduceerd en op voldoende locaties kunnen worden gebouwd, zijn niet alleen betaalbaarder. Ook worden ze gemaakt van gezonde materialen en zorgen voor minder bouwafval.

Recent ondertekende De Nijs bouw en ontwikkeling als partner het Houtbouw Pact MRA, wat in 2026 van start zal gaan. De stap om aan te sluiten bij Houtbouw Pact MRA ligt in het verlengde van het mede door De Nijs ontwikkelde Tim®. Een betaalbare en flexibele biobased houtbouwmethodiek.

De afgelopen periode heeft De Nijs 63 houtbouwwoningen opgeleverd en staan er 223 woningen in uitvoering. Voor de korte termijn zijn er 171 houtbouwwoningen in voorbereiding en lopen er tenders voor meer dan 300 woningen in hout.

Is duurzaamheid in beton gegoten?

Hoe duurzaam is beton echt? Tijdens een kennissessie bij Albeton doken medewerkers van De Nijs en De Nijs Castricum in de ontwikkelingen rondom duurzame beton en de mogelijkheden om de milieubelasting te verlagen.

Leren van de praktijk bij Albeton

Op 4 en 5 november waren de werkvoorbereiders, de calculatoren, de bim-ers en de ontwerpcoördinatoren van De Nijs en De Nijs Castricum te gast bij Albeton. Het doel was een theoretische update op het gebied van tunnelbekisting, houtbouw en duurzame beton. De sessie tunnelbekisting werd verzorgd door onze leverancier Hendriks Formwork Solutions en de sessie houtbouw door onze eigen houtbouwspecialisten Bart Arends en Joeri Koehof. Uiteraard verzorgde Albeton, samen met Bas van Velzen, de sessie over duurzame beton.

Gaan duurzaamheid en beton door één deur?

Het is niet zozeer de beton die het milieu belast, maar het cement in de beton dat de grootste milieubelasting veroorzaakt. Daarom is er de afgelopen jaren veel onderzoek gedaan naar de mogelijkheden om het gebruik van cement te verminderen. Die mogelijkheden variëren van CO2 afvangen bij de cementfabrieken tot het bijmengen van CO2 in de betonmengsels. Lang niet alle ideeën zijn levensvatbaar of direct inzetbaar, maar de betonindustrie is hard bezig duurzamer te worden.

 

Waar zet De Nijs op in bij betonbouw?

Uitgestelde sterkte: beton die zijn sterkte pas bereikt na 56 of 91 dagen. Als een constructie pas later zijn volledige belasting krijgt kan je gebruik maken van minder cement en de tijd zijn werk laten doen. Denk aan poeren en funderingen.

Secundaire grondstof: het toepassen van secundair zand en grind om zo deze reststroom zo hoogwaardig mogelijk te blijven gebruiken en te voorkomen dat deze grondstof als puinkorrel onder de weg verdwijnt.

HVO 100/Elektrisch: alternatieve brandstoffen om beton te vervoeren zijn goed voor de CO2 uitstoot en sommige opdrachtgevers en locaties eisen tegenwoordig uitstootvrij vervoer.

Aanpassen korrelopbouw: een deel van het cement in betonmengsels wordt gebruikt om de holle ruimtes tussen de korrels op te vullen. Dit cement draagt niet bij aan de sterkte van het mengsel. Er zijn tegenwoordig vulstoffen die de holle ruimtes opvullen en daarom is er minder cement nodig. Dit is goed voor de MKI-waarden en CO2 uitstoot van een betonmengsel.

 

Over Albeton

Betoncentrale Albeton is opgericht in 1968 in de Amsterdamse Bijlmermeer. In ’77 verhuisde Albeton naar de Cruquiusweg en in 2014 werd een nieuwe moderne betoncentrale in gebruik genomen aan de Ankerkade in Amsterdam Havens West. Met een eigen kade van 200 meter is Albeton goed bereikbaar voor de binnenvaart en de leveringen over de weg.

Albeton werkt volgens een NEN-EN ISO 9001 gecertificeerd kwaliteitssysteem en levert betonmortel in de sterkteklassen C12/15 tot en met C55/67. Dit in alle milieu- en consistentieklassen onder KOMO productcertificaat.

Waar kansen, strategie en resultaten elkaar ontmoeten

Hoe ontwikkelt de markt zich en waar liggen de kansen voor De Nijs? In dit artikel deelt projectontwikkeling de belangrijkste inzichten, ontwikkelingen en projecten.

Marktontwikkelingen

Tot aan de zomervakantie liep de verkoop van onze projecten goed door. Daarna zien we wel een lichte afvlakking. Mogelijk dat de verkiezingen hier een rol in spelen vanwege de discussie rondom het verder beperken van de hypotheekrenteaftrek. Wat wij zien bij de ontwikkeling van onze appartementen is dat het hebben van een vaste parkeerplaats steeds belangrijker wordt voor kopers. Er vallen veel kopers af vanwege dit punt. In de afgelopen jaren zijn we in ontwikkelend Nederland meer gaan werken met mobiliteitsconcepten en lagere parkeernormen. Inmiddels merken wij bij een aantal projecten dat dit ons langzamerhand gaat tegenwerken. Wij kijken nu vooraf dus kritischer naar het aantal te ontwikkelen parkeerplaatsen bij een project per productcategorie en niet alleen volgens de te hanteren parkeernormen.

De uitvragen van tenders voor bouw- en ontwikkelproductie blijven hoog. Helaas moeten wij ook regelmatig nee zeggen omdat we op dat moment de capaciteit niet hebben, zowel bij projectontwikkeling als bij de collega’s van het bouwbedrijf. Dit merken we ook bij onze concullega’s. Wij hebben als De Nijs geen groeidoelstelling (alleen groeien met de inflatie). Ik hoor om mij heen dat veel partijen dit wel hebben. Er is behoorlijke krapte op de arbeidsmarkt voor bouwpersoneel, zowel timmerlieden, uitvoerders, werkvoorbereiders, maar ook projectontwikkelaars. Wij zien dat er enorm getrokken wordt aan onze mensen en er een opwaartse trend is in arbeidsvoorwaarden.

Ik vraag mij weleens hardop af hoe wij in Nederland het grote aantal benodigde extra woningen kunnen realiseren. We hebben al moeite met het huidige aantal te bouwen woningen, gezien de beschikbare capaciteit bij zowel de bouw- en ontwikkelbedrijven als de gemeenten voor het vergunningentraject.

De verkoop van onze projecten

Samen met Trebbe bouwen we 402 appartementen in Schalkwijk. De 1e fase van 240 appartementen hebben we verkocht aan Ymere en Pré Wonen en zijn we aan het bouwen. Afgelopen maart zijn we gestart met de verkoop van 162 appartementen van de 2e fase (23Stories). Inmiddels is 56% verkocht en hebben we opdracht gegeven aan de bouwcombinatie. We hebben al geïnvesteerd in het realiseren van de kelderbak waardoor de bouwtijd teruggaat van 3 naar 2 jaar. We merken in de verkoopmarkt dat kopers over het algemeen een bouwtijd van 3 jaar te lang vinden. We nemen hiermee een risico maar het wordt goed ontvangen door kopers.

Met Hoorne Vastgoed ontwikkelen we 29 grondgebonden woningen in fase 5 TuytPark in Heerhugowaard. We zijn 14 oktober in verkoop gegaan en het aantal inschrijvingen is positief. We hebben in september de start bouw gevierd van ons houtbouwproject Woodstone in Heerhugowaard met de kopers. Op dit moment is 64% verkocht.

We merken wel dat er veel appartementen in Heerhugowaard in verkoop zijn met een zwaar accent op 3-kamer appartementen tussen de 66–75 m² en er komen er nog meer aan. De concurrentie is groot. We nemen dit mee in de programmering van de laatste 2 torens die we naar verwachting in Q2 2026 in verkoop zullen nemen.

Ontwikkelingen in portefeuille

Daarnaast hebben we een aantal projecten in ontwikkeling die de komende jaren voor de nodige productie gaan zorgen. Dat zijn De Bouwerij in Amstelveen samen met Trebbe (158 appartementen), BuitenStad Hoorn (542 appartementen), Hoekenes in Amsterdam (60 appartementen), De Pijl in Zaandam samen met UBA (56 appartementen), Delflandplein in Amsterdam met een woontoren (66 appartementen), een commerciële winkelplint, ons eigen nieuwe kantoor, een supermarkt van 2.200 m² en 150 parkeerplaatsen onder de A10, Dijkgraafplein in Amsterdam (166 appartementen) en Assendelft (23 grondgebonden woningen) samen met onze partner DID Vastgoed.

Vanuit projectontwikkeling ontwikkelen we ook projecten uit voor ons bouwbedrijf in opdracht van woningcorporaties. Op dit moment zijn dit de Van der Kunbuurt fase 2 & 3 (circa 200 woningen en circa 635 m² aan bedrijfsruimte) voor Stadgenoot Amsterdam en de Boeierstraat in Purmerend voor Intermaris (171 appartementen) in houtbouw.

Ons team projectontwikkeling

Richard Tol is na de nodige jaren ervaring bij projectontwikkeling doorgestroomd naar de functie medior projectontwikkelaar. Per 21 oktober is Zoë van der Laan bij ons begonnen als junior ontwikkelaar. Zoë heeft al eerder bij ons stage gelopen en is dus geen onbekende. Wij zijn erg blij haar aan boord te hebben. Wij hebben binnen projectontwikkeling altijd een afstudeerder of stagiair bij ons. Wij vinden het belangrijk jonge mensen op te leiden.

Daarnaast zijn we op zoek naar een nieuwe medior ontwikkelaar omdat een collega de overstap maakte naar een puur ontwikkelbedrijf. Op zich een begrijpelijke stap als je 10 jaar bij De Nijs werkt waarvan 5 bij het bouwbedrijf als werkvoorbereider en 5 jaar bij projectontwikkeling. Het is ook goed je horizon te verbreden.

Tim® – de betaalbare en flexibele biobased houtbouwmethodiek

Tim® is een biobased houtbouwmethodiek die antwoord geeft op de hedendaagse (stedelijke) woningbouwopgave en inspeelt op veranderende woonwensen, duurzaamheidsambities en circulair bouwen.

Wat is Tim®?

Tim® is een biobased houtbouwmethodiek die antwoord geeft op de hedendaagse (stedelijke) woningbouwopgave. Daarbij geeft Tim® niet alleen antwoord op de invulling van grote of kleine bouwkavels in binnenstedelijke en buitengebieden, maar ook op de veranderende woonwensen, hoge duurzaamheidsambities en circulair bouwen. Tim® is ontwikkeld door De Nijs bouw en ontwikkeling in samenwerking met LEVS Architecten en Adviesbureau Lüning als specialist in houtconstructies.

De nieuwe norm in houtbouw

Tim® is de nieuwe norm in houtbouw. Tim® helpt opdrachtgevers hun houtbouwambities voor toekomstige woningbouw te realiseren. Hierdoor kunnen opdrachtgevers hun stedelijke en landelijke doelstellingen halen en de transitie naar houtbouw versnellen.

Geen standaard bouwsysteem, maar een integrale methodiek

Tim® is geen standaard bouwsysteem. Het is een integrale bouwmethodiek+. De biobased bouwmethodiek Tim® benut de kracht van hout in een volledig geïntegreerde set bouwknopen. Hierin komen constructie, thermische en akoestische isolatie, veiligheid, duurzaamheid, circulariteit, biobased bouwen en CO2 uitstoot samen in technisch haalbare, realistisch uitvoerbare knopen.

Flexibel, snel en toekomstbestendig bouwen

Tim® biedt de vrijheid om flexibel te ontwerpen en snel en veilig te bouwen. Tim® maakt houtbouw voor woning- en utiliteitsbouw futureproof. Lees meer over Tim®.

De Nijs Castricum: specialist in kleinschalige bouwprojecten

In de zeventiger jaren richtte Jac de Nijs het bouwbedrijf De Nijs Castricum op. Het bedrijf, wat tot op de dag van vandaag in Castricum is gevestigd, werd in 2005 door De Nijs bouw en ontwikkeling overgenomen. Voornaamste reden was de toenemende concurrentie en regelgeving. Inmiddels is Jac de Nijs uit het bedrijf gestapt en is de dagelijkse aansturing in handen van Rob Duinmeijer. De beide bouwbedrijven trekken inmiddels al jaren samen succesvol op. Het succes zit ‘m in de complementaire werking: De Nijs Castricum als specialist in kleinschalige bouwprojecten gefaciliteerd door de deskundigheid van de verschillende bedrijfsonderdelen van De Nijs bouw en ontwikkeling.

Wisselwerking

Waar veel kleine bouwbedrijven stoeien met personeelstekort, regelgeving en een degelijke werkvoorbereiding, kan De Nijs Castricum zich volledig focussen op de kwaliteit in kleinschalige bouw voor particulieren, bedrijven en beleggers. Of het nu gaat over een villa, een kleinschalig appartementencomplex of een grote verbouwing of renovatie; “De Nijs Castricum is het aanspreekpunt en wij maken op onze beurt, afhankelijk van de vraag, gebruik van de expertise, materialen en andere mogelijkheden van De Nijs bouw en ontwikkeling, aldus Rob Duinmeijer. Daardoor kunnen wij ons focussen op een goede voorbereiding, veiliger werken, duurzaam bouwen en een grotere betrokkenheid bij onze opdrachtgever.”

Rob Duinmeijer werkt alweer 17 jaar bij De Nijs Castricum: “We zitten niet op schoot bij onze grote broer in Warmenhuizen, maar we versterken elkaar. Ieder op ons eigen vakgebied. Zo ontwikkelt De Nijs projectontwikkeling (in samenwerking met Rotteveel M4) een project aan de Westerweg in Heiloo. Een project wat prima past bij de capaciteiten van De Nijs Castricum. En omgekeerd hebben wij projecten die wij laten calculeren en doorrekenen door de calculatie-afdeling van De Nijs in Warmenhuizen en nemen ze ons de administratieve rompslomp uit handen. Bij onze projecten, mits de vraag daarnaar is, vinden we ook makkelijk de weg naar de timmerfabriek van De Nijs voor kozijnen en HSB elementen. Daardoor kunnen we rekenen op kwaliteit en continuïteit.”

 

Een goede voorbereiding is het halve werk

“Waarin wij ons kunnen onderscheiden is de gedegen voorbereiding van een bouwproject. Daar gaat het vaak mis” volgens Rob Duinmeijer. “Dat begint bij een kloppende calculatie en een nauwgezette planning. Zo kan je zorgen dat je niet de plank misslaat tijdens de bouw. Extra bouwtijd en hogere kosten achteraf, daar zit de opdrachtgever niet op te wachten. Onze opdrachtgevers verwachten dat we bouwen volgens de afspraken en dat met de beste kwaliteit.”

De Nijs Castricum heeft de afgelopen decennia talloze villa’s en andere objecten gebouwd, verbouwd, en gerenoveerd in de kop van Noord-Holland en de regio Amsterdam. Recent is het wooncomplex Noorderlicht in Warmenhuizen opgeleverd en een villa in Diemen. De renovatie van het Slachthuis in Haarlem, een luxe kantoorpand in Amsterdam en de bouw van 31 woningen aan de Westerweg in Heiloo zijn nog in volle gang. De voorbereidingen voor een project van 150 appartementen in Amsterdam zijn gestart.

Benno Groot: timmerman bij De Nijs

Benno Groot is sinds 2005 timmerman bij De Nijs. Momenteel werkt hij aan de renovatie van het hoofdgebouw van het Slachthuis in Haarlem. Hij is opgegroeid in een bouwvakkersfamilie, zijn vader was metselaar en voorman bij Deurwaarder en ook zijn broer werkt als timmerman bij De Nijs. Na zijn beroepsopleiding bij Espeq startte Benno bij Bot Bouw, waarna hij overstapte naar Wicon.

Dankbaar werk en lekker bezig met je vak

Benno: “In die jaren deed Wicon nog metsel- en timmerwerk. We werkten veel voor De Nijs en ik keek altijd met een scheef oog naar het personeel daar. Bij De Nijs was alles goed geregeld, terwijl het bij Wicon er minder professioneel aan toe ging toentertijd. Toen Wicon stopte met timmerwerk, greep ik de kans met twee handen aan om over te stappen naar De Nijs.”

Er is veel veranderd de afgelopen jaren, niet alleen op het gebied van veiligheid en duurzaamheid, maar ook het bouwen op zich. Benno: “We hebben meer machines en hulpmiddelen tot onze beschikking, waardoor het werk minder zwaar geworden is. Ook wordt er meer prefab gebouwd, alles wordt kant en klaar geleverd. Maar dat doet wel wat met je vaardigheid en creativiteit als timmerman. Het is vaak plaatsen, stellen en door. Dat is bij houtbouw en renovatie wel anders. Mijn vorige klus was De Houten Leeuw, de naam zegt het al: houtbouw. Zo’n project met hout werkt lekker, is schoner en gaat sneller. Bij de renovatie hier op het Slachthuis komt het aan op vakmanschap en creativiteit. Je weet namelijk niet wat je tegenkomt. En dat is een uitdaging, zeker als alles weer in de oude staat hersteld moet worden. Ik zeg je eerlijk dat ik het best een beetje spannend vond om aan deze enorme klus te beginnen. Maar het is dankbaar werk en je bent lekker bezig met je vak.”

Veiligheid en duurzaamheid is gewoon een kwestie van bewustwording

“Als jij veiligheid zegt, dan zeg ik LMRA: de veiligheidscheck voordat je veilig aan het werk kan. Die is er bij ons ingeramd”, zegt Benno. “Het is gewoon belangrijk dat je veiligheid voor jezelf en je omgeving kunt garanderen. Soms zie ik mensen van andere bedrijven bij ons aan het werk, die de veiligheid niet in acht nemen. Daar stap ik dan wel op af en dat leidt wel eens tot onbegrip. Als ze het niet willen begrijpen dan denk ik idioot, vaak kan ik er niet meer aan doen dan het te melden bij de uitvoerder. Ik moet zeggen dat er soms ook wel sprake is van een taalbarrière, dat geldt ook voor het scheiden van afval. Hoe simpel kan het zijn, het is gewoon een kwestie van bewustwording.”

Geen Siamese tweeling

De broer van Benno, Sander, werkt ook bij De Nijs als timmerman. Omdat ze altijd op hetzelfde project zitten en beiden in Heerhugowaard wonen, rijden ze ook samen naar het werk. Benno: “We zijn geen Siamese tweeling, dus we doen ieder ons werk. En vaak pakt een van ons tweeën de voorbereiding op en doet de ander de uitvoering. En zo wisselen we elkaar af.”

De charmes van Halter Bellevue Den Helder

Met het project Halter Bellevue realiseert Bouwbedrijf De Nijs in opdracht van Helder Vastgoed BV in het stadshart van Den Helder 42 huurappartementen, 12 koopappartementen en een commerciële ruimte. Gelegen tussen de Prins Hendriklaan en de Spoorstraat vormt het project aan het stadspark de verbinding van het stadshart met de dijk en de zee. In de gevel zitten kenmerken van 19e en vroeg 20e eeuwse architectuur en wordt de Helderse identiteit onderstreept met maritieme en nautische versieringen. Het ontwerp is van Attika Architekten.

Ouderwets werkvoorbereiden

In november 2024 is Pascal Sanou en zijn bouwteam gestart met de bouw van Halter Bellevue. Een bijzonder project als we kijken naar de aanloopfase en bouw. Pascal: “Bij de ontwerpfases tot het definitief ontwerp was het bouwteam van De Nijs niet betrokken. Na de aanbesteding in 2022 bleek aan de hand van het ontwerp het project niet haalbaar. Het project moest terug naar de ontwerptafel en wij moesten alles opnieuw calculeren. Waar wij gewend zijn te werken met 3-dimensionale (3D) ontwerpen, leverde de opdrachtgever naast het bestek de ontwerpen in 2D aan. Dat betekende voor het bouwteam terugschakelen naar een voor onze begrippen ouderwetse werkvoorbereiding en de nodige creativiteit tijdens de bouw. Een ware uitdaging, waar veel traditioneel vakmanschap bij komt kijken.”

Geen geneuzel

Inmiddels is de bouw over het hoogste punt heen en dankzij de nodige flexibiliteit kan het bouwteam rekenen op een tevreden opdrachtgever. Pascal: “Dit project heeft ook wel z’n charme. Het geneuzel met instanties bij bouwprojecten in bijvoorbeeld Amsterdam heb je hier niet. De opdrachtgever onderhoudt met alle gemeentelijke instanties hier korte lijntjes en vaak worden zaken met een briefje, mailtje of telefoontje opgelost. Daar hou ik wel van en zo blijft de opdrachtgever ook betrokken.” De oplevering van Halter Bellevue staat gepland in juli 2026.

Dennis van Kranenburg over de kennis, ambities en uitdagingen van De Nijs

Per 1 september 2025 is Dennis van Kranenburg gestart in een nieuwe functie als directeur voorbereiding, een functie die niet eerder binnen De Nijs bestond. Deze nieuwe rol biedt een mooie kans om samen te kijken hoe we bij De Nijs onze voorbereidingsprocessen slimmer en beter kunnen inrichten.

Samen het beste resultaat neerzetten

Volgens Dennis draait het om de mensen in de organisatie: “In de eerste maanden heb ik veel collega’s leren kennen en gezien hoeveel vakmanschap en samenwerking er in onze organisatie zit. Dat geeft energie! Ons gezamenlijke doel is om projecten zo goed mogelijk voor te bereiden, zodat we efficiënter werken en met trots kunnen blijven bouwen. Daarbij draait het om mensen: elkaar vertrouwen, verantwoordelijkheid geven en samen het beste resultaat neerzetten. Veiligheid staat daarbij altijd voorop: in onze processen, op de bouwplaats en in de keuzes die we in de voorbereiding maken.”

Volgens Dennis blijft de bouwsector volop in beweging. “Mijn visie op de markt is dat we ons in een periode bevinden waarin duurzaamheid, digitalisering en samenwerking steeds belangrijker worden. Opdrachtgevers vragen niet alleen om een scherpe prijs, maar ook om innovatieve oplossingen die bijdragen aan CO2-reductie en circulaire bouw. Dit betekent dat wij als aannemer niet alleen moeten bouwen, maar ook moeten meedenken over de toekomst – en dat doen we met integriteit, door transparant en betrouwbaar te handelen.”

Inzetten van kennis in de voorbereidingsfase

De afgelopen maanden zagen we dat de tenderdruk hoog blijft. Dennis: “Projecten worden complexer, met strengere eisen op het gebied van stikstof, veiligheid en planning. Tegelijkertijd merk ik dat onze kracht ligt in het vroegtijdig betrekken van partners en het inzetten van onze kennis in de voorbereidingsfase. Daarbij wordt de samenwerking tussen projectontwikkeling en voorbereiding steeds belangrijker. Door deze disciplines beter op elkaar af te stemmen, kunnen we sneller schakelen, risico’s beperken en meer waarde toevoegen voor onze opdrachtgevers.”

Vooruitkijkend naar Q1 en Q2 van 2026 ziet Dennis kansen én uitdagingen. “De markt zal nog steeds competitief zijn, maar er komen mooie projecten aan in gestapelde woningbouw en utiliteitsbouw. Vooral projecten waarin duurzaamheid centraal staat, zoals energie-neutrale gebouwen en renovaties, bieden kansen. Daarnaast verwacht ik dat digitalisering, denk aan BIM en data-gestuurde planning, een nog grotere rol gaat spelen. Wie hierin investeert, loopt voorop.”

De vraag naar houtbouw sluit aan bij de ambities van De Nijs

Een andere belangrijke ontwikkeling is houtbouw. “Steeds meer opdrachtgevers kiezen voor biobased materialen en circulaire oplossingen. Houtbouw biedt niet alleen een lagere CO2-footprint, maar ook snelheid in uitvoering en een warme uitstraling. Wij zien dit als een kans om ons te onderscheiden en onze expertise verder uit te bouwen. Het vraagt wel om nieuwe kennis en samenwerking met gespecialiseerde partners, maar het is een richting die perfect aansluit bij de duurzaamheidsambitie van De Nijs en de duurzaamheidsdoelen van onze opdrachtgevers.”

Door zijn langdurige ervaring in de bouwsector kent Dennis het klappen van de zweep. “We staan in de bouwsector voor grote uitdagingen: stijgende kosten, strengere duurzaamheidseisen en een groeiend tekort aan gekwalificeerd personeel vertraagt projecten en verhoogt de druk op bestaande teams. Kunstmatige intelligentie (AI) biedt ons kansen om deze knelpunten te verlichten en processen efficiënter te maken.”

Afval als de juwelen van een duurzame samenwerking

Het familiebedrijf GP Groot richt zich met 4 bedrijfsonderdelen en circa 1.500 medewerkers op de gehele transitiemarkt van afval naar grondstoffen, duurzame mobiliteit en een klimaatbestendige leefomgeving. Het brede pakket aan diensten – inzameling en recycling van afval, energie aanbod en -advies en infrarealisatie – maken het bedrijf uniek in haar soort. GP Groot en De Nijs werken intensief samen op het gebied van het recyclen van afval. Ook op het gebied van kennisoverdracht. Voorbeeld hiervan is de theoriebijeenkomst van onze werkvoorbereiders, Bim-ers, projectleiders en uitvoerders, waarbij De Nijs het afgelopen jaar te gast was bij GP Groot. Projectmanager Coraline Noordzij verzorgde die dag een kennissessie over circulaire afvalstromen.

Gedragsverandering

In de dagelijkse praktijk houdt Coraline zich hoofdzakelijk bezig met het stimuleren van circulariteit bij bedrijven. Coraline: “Mijn speelveld is enerzijds de zakelijke markt die afval aanlevert en anderzijds de bedrijven die afval verwerken tot nieuwe producten. Beiden zijn onderdeel van de circulaire keten, die wil ik met elkaar verbinden door advies en voorlichting. Dat betekent met beide partners continu de mogelijkheden onderzoeken en kennis delen. Door het belang van circulair ondernemen duidelijk te maken streef ik naar een gedragsverandering om zo afval beter te scheiden, waardoor het circulair verwerkt kan worden. Want alleen goed gescheiden afval kan verwerkt worden tot nieuwe grondstof en dat maakt echt het verschil.

Wij leggen alles vast in een dashboard waarin onze klanten kunnen zien hoe ze scoren op de ladder van afvalscheiding. Ik was enige tijd geleden bij een project van De Nijs waar men moest afvalscheiden op een heel klein perceel. Samen met mijn collega’s Jeroen Zwart en Edwin Rot is er een afvalbeheerplan gemaakt met als resultaat dat ze een topscore haalden wat betreft het scheidingspercentage. Dan denk ik ‘yes’, we hebben met elkaar weer een stap gemaakt.”

De Nijs denkt na over de kansen van afval

De grote vraag is of wij – als GP Groot en De Nijs – groeien in een resultaatgerichte samenwerking. Coraline is daar duidelijk over. “Wij bieden De Nijs een dashboard waarin we vastleggen wat het scheidingspercentage is. Regelmatig overleg ik de uitkomsten met Bas van Velzen, waarop Bas actie onderneemt. Bij De Nijs gaat het niet alleen om prijs en product. Wij hebben ook samen moeilijke thema’s opgepakt, bijvoorbeeld het voorkomen van afval. Maar ze kloppen ook bij ons aan als ze een nieuw product willen inzetten. De vraag is dan wat er met het product gebeurt als het aan het einde van de levensduur als afval vrijkomt. Recente voorbeelden zijn de toepassingen van biobased materialen, een hot item waar De Nijs over nadenkt.”

Net als GP Groot is De Nijs een typisch familiebedrijf. Coraline: “Mijn ervaring is dat familiebedrijven vaak meer in de breedte kijken en net een stap verder gaan. De samenwerking met De Nijs zorgt dat we samen meer impact hebben op duurzaam en circulair bouwen. Ik ben dan ook niet de enige linking pin. Ook andere collega’s van Bas en mij, en de directies, zoeken elkaar regelmatig op voor overleg.”